Onweersvliegjes, ook wel tripsen of donderbeestjes genoemd, zijn kleine insecten die vaak opduiken tijdens warme, benauwde dagen wanneer onweer in de lucht hangt. Hoewel ze de naam “onweersvliegjes” dragen, zijn ze niet direct gelinkt aan onweer, maar hun massale verschijning rond deze tijd is geen toeval. Verschillende factoren, zoals luchtvochtigheid en temperatuur, spelen hierbij een belangrijke rol.
Wat zijn onweersvliegjes?
Onweersvliegjes behoren tot de orde Thysanoptera, waarvan er wereldwijd meer dan 5.000 soorten bestaan, en in Nederland zo’n 150. Ze zijn erg klein, slechts 1 tot 2 millimeter groot, en hebben dunne, gerafelde vleugels. Ondanks hun vleugels zijn ze geen goede vliegers. Ze verplaatsen zich voornamelijk door de wind, wat verklaart waarom ze massaal opduiken als het weer verandert, zoals bij naderend onweer.
Tripsen voeden zich met plantaardige sappen door hun zuigsnuit in bladeren en bloemen te steken. Dit kan leiden tot schade aan gewassen en planten, omdat ze met hun kleine gaatjes lichtgrijze vlekken op bladeren veroorzaken. Hoewel ze voornamelijk planten beschadigen, kunnen sommige soorten ook op dierlijk sap leven.
Waarom verschijnen ze vooral bij onweer?
De sterke aanwezigheid van onweersvliegjes bij naderend onweer heeft te maken met hun gedrag en de weersomstandigheden. Tijdens warme, broeierige dagen stijgt de luchtvochtigheid aanzienlijk. Dit creëert een omgeving die ideaal is voor tripsen om zich te verplaatsen en zich te voeden. Doordat ze zulke slechte vliegers zijn, gebruiken ze vaak de wind om zich te verplaatsen. Net voordat een storm losbarst, zijn de luchtstromen ideaal om deze kleine insecten mee te voeren.
Daarnaast zoeken ze tijdens onweer en hoge luchtvochtigheid beschutting op plaatsen waar ze normaal gesproken minder snel te vinden zijn, zoals op ramen, schermen of zelfs op je huid en kleding. Door de combinatie van warme, vochtige omstandigheden en luchtstromen voorafgaand aan onweer, worden onweersvliegjes zichtbaarder dan anders.
Mythe en waarneming
Er bestaat al lange tijd een mythe dat onweersvliegjes de komst van onweer voorspellen. Hoewel dit niet wetenschappelijk bewezen is, is er een correlatie tussen de weersomstandigheden waarin ze opduiken en naderend onweer. Omdat ze zo klein en licht zijn, worden ze gemakkelijk door de luchtstromen die voorafgaan aan een storm meegevoerd. Dit verklaart waarom je ze vooral bij dreigend onweer ziet.
Overlast en oplossingen
Hoewel onweersvliegjes ongevaarlijk zijn voor mensen, kunnen ze irritatie veroorzaken als ze op je huid terechtkomen. Sommige mensen ervaren dat ze zelfs een prikkelend gevoel kunnen veroorzaken, wat sommigen als een lichte beet interpreteren. De beet is echter niet gevaarlijk en leidt zelden tot serieuze irritatie.
De grootste overlast die onweersvliegjes veroorzaken, is voor planten en gewassen. Tripsen kunnen de groei van planten verstoren door hun zuigende voedingstechniek, waarbij ze cellen beschadigen en sap onttrekken. In huizen kunnen ze echter eenvoudig worden aangepakt door ze met een stofzuiger op te zuigen of door planten te besproeien met een mild zeepsop.
Kunnen onweersvliegjes ook echt het weer voorspellen?
De aanwezigheid van onweersvliegjes wordt vaak gezien als een teken dat onweer op komst is. Dit is echter geen nauwkeurige voorspelling. Hun gedrag wordt grotendeels bepaald door weersomstandigheden zoals warmte en vochtigheid, die ook typerend zijn voor het weer voorafgaand aan onweer. Daarom lijkt het alsof ze onweer voorspellen, terwijl ze simpelweg reageren op veranderende weersomstandigheden. Soms zijn ze dus ook zichtbaar als het niet gaat onweren.
Tips om ze te vermijden
Om onweersvliegjes te bestrijden, kun je natuurlijke remedies zoals brandnetelbouillon gebruiken. Dit afkooksel van 500 gram verse brandnetelbladeren en vijf liter kokend water, eventueel aangevuld met knoflook of uien, kun je na 24 uur intrekken gebruiken om de planten mee te besproeien. De essentiële oliën van de brandnetels verdrijven de insecten effectief. Daarnaast is zeepsop een eenvoudige oplossing: meng een liter water met twee eetlepels olijfolie en een scheutje afwasmiddel. Spuit dit mengsel op de aangetaste planten, vooral op de onderkant van de bladeren waar de vliegjes zich vaak bevinden. Bij een lichte aantasting volstaat een krachtige waterstraal om ze weg te spoelen. Voor de bestrijding van larven kan je neemolie gebruiken, die voorkomt dat de larven zich ontwikkelen tot volwassen insecten. In huis kunnen onweersvliegjes gemakkelijk worden verwijderd met een bezem of stofzuiger.









